dinsdag 21 februari 2006

Daar zijn ze weer. Iedere namiddag komen ze in rijtjes aankloppen, laten ze mij hoopvol het licht op het einde van de tunnel zien om dan weer netjes tijdens de nacht te verdwijnen, te vervagen, te verslokeren, verslensen, verslunsen voor het maanlicht en de roep van de onzichtbare uilen in het nabij gelegen bos. 'Weeën'. Ik ga wenen. Ik pieker mij dan kapot hoe we het tijdens de nacht zullen regelen, maar zoonlief blijft zitten waar hij zit, kruipt heen en weer en op en neer alsof hij een kamp aan 't bouwen is. Ik geef het op. Vanavond komt hij niet, morgen komt hij niet, overmorgen komt hij niet, overmorgen-morgen komt hij niet. Hij blijft zitten waar hij zit tot ze hem komen halen, denk ik. Hij vindt de uitgang niet. Hij heeft een gps nodig. Hij heeft zijn mama nodig! (Je zou voor minder binnen blijven met zo'n weer.)

Geen opmerkingen: