dinsdag 23 oktober 2007

Wit wit wit


http://www.pjharvey.net/player/index.html?

Ik reed in de auto, dromend, genietend van Polly Jean Harvey’s zoetgevooisde zalige zang. Ditmar, met zijn absoluut gehoor vroeg mij: “En Rebecca wie is dat?”
“Pj. Harvey, mooi hé?”
“ja, die heeft duidelijk zangles gekregen, maar mooi is anders!”
jaja
De waarheid komt uit een kindermond, maar daarom hebben ze nog geen gelijk.

dinsdag 9 oktober 2007

Armzalige speler


Gisteren promotioneel ‘Ma, Pa...puinhoop!’ gespeeld in het cultureel centrum van Tongeren in Cc De Velinx. Dat is een grote zaal, een immense zaal. Voor mij, klein, nietig schoolactriesje leek het wel het sportpaleis, maar zo goed als leeg. Er zat 25 man en een paardenkop. We hadden ook zoveel plaats om te spelen. Ons decor, gemaakt voor kleine zalen verzonk in het grote zwarte gat van een podium zo groot als een voetbalveld. Zo leek het toch. En ik, vanbinnen, zat vol: slecht geslapen, donkere dromen, triest om echtelijke ruzies, de herfst, de mist. Dat zat allemaal binnenin me. Grote gevoelens in een grote zaal. Daar kon ik zoveel mee doen, daar kon ik grote woorden mee kwijt.
Ik zat daar, middenin dat stuk, middenin die grote zaal op mijn bankje, Gothic, koolzwarte ogen, aangetroeteld tot duistere elf, in een baken van licht, triest, ineen gezakt want mijn vriendje was er vandoor. Klaar om:

“Zijn, of niet zijn, dat is de vraag.
Wat is nu nobeler: verdragen dat
het blinde lot je krabt en bijt en schopt,
of vechten tegen zeeën van ellende,
en vechtend omkomen? Sterven - slapen,
niets meer. Als dan die slaap het einde is
van hartzeer en de duizend pijnen die
een mens moet dragen, dan is het een slot
om voor te bidden. Sterven, inslapen....”

of

Morgen en morgen en morgen
kruipt in zijn slakkengang van dag tot dag
tot aan de laatste lettergreep van het boek van de tijd
en elke dag van gisteren hebben narren
ons voorgelicht op de weg naar de dorre dood.
Uit, uit, stompje kaars!
Het leven is niets dan een wandelende schaduw,
een armzalige speler die op het toneel
zijn uurtje puft en kwaakt
en dan hoor je hem niet meer. Het is een sprookje
verteld door een idioot
vol gebral en geraas dat niets betekent.

Maar mijn moeder komt op.
Ik moet opspringen en zeggen : ...

“en? ... Wat zeiden ze op het politiebureau?”

dinsdag 2 oktober 2007

naakt of bloot

Mijn man zoekt voor het maken van een video-installatie blote vrouwen: grote, kleine, rondborstige, oude, jonge, magere, volslanke, mollige blote vrouwen. Op de middelbare school, in het Sint Vincentiusinstituut, leerde ik het verschil tussen ‘naakt’ en ‘bloot’. ‘Naakt’ was goed, mooi, zonder kleren, zonder meer. ‘Bloot’ was vies, dubieus, dubbelzinnig, seksueel. Ik geloofde dat. Ik geloofde toen bijna alles wat de meester vertelde, maar nu ben ik zelfstandig genoeg om mijn eigen woorden te zoeken en vind dit onderscheid dikke zever. Blote vrouwen klinkt zoveel ... naakter, zonder kleren, zonder gène, zonder meer. Naakt klinkt zo precieus, zo preuts, geladen en beladen van schuld. Ik vind mezelf mooier in mijn blootje dan naakt. Naakt schaam ik me, maar in mijn blootje ... ben ik alleen of met twee of met mensen waarvan mijn blootje niet naakter is dan gekleed.

Wie het ziet zitten om 1 minuutje voor een camera rond te draaien in zijn...blootje, surf dan voor meer info naar www.morrendvolk.be